Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 8.

Artikel 15

Artikel 15

Onderdeel van Beheersverordening gemeentelijke begraafplaats "De Leeuwerenk" 2017

Het recht op een particulier graf wordt verleend door een beschikking van het college. Hierin wordt aan de aanvrager het uitsluitend recht gegeven om lijken in een bepaald graf te doen begraven. Het uitsluitend grafrecht is een zakelijk gebruiksrecht van eigen aard. Volgens artikel 28, eerste lid van de Wet op de lijkbezorging kan het uitsluitend recht op een graf voor ten minste tien jaar worden verleend. Voorts is sinds 2010 in dit wetsartikel bepaald dat de periode van verlenging van een grafrecht niet korter is dan vijf jaar en maximaal 20 jaar. De verordening geeft de mogelijkheid bij de uitgifte van een particulier graf te kiezen voor een termijn van tien, twintig of dertig jaar. Voor de verlenging is de mogelijkheid gegeven te kiezen voor een periode gelegen tussen vijf en twintig jaar. Soms verkeren rechthebbenden die een graf hebben gereserveerd, in de onjuiste veronderstelling dat de uitgiftetermijn pas begint te lopen op het moment van de eerste begraving of bijzetting. Daarom is in artikel 15, eerste lid, de laatste zin betreffende de aanvang van de termijn opgenomen. De Wet op de lijkbezorging bepaalt in artikel 28 dat vanaf twee jaar voor het verstrijken van de lopende termijn verlenging van de termijn kan worden aangevraagd. Binnen een jaar na begin van deze periode moet, volgens het tweede lid van genoemd wetsartikel, het college de rechthebbende op het graf mededelen dat de termijn gaat aflopen. Volgens het oude wetsartikel diende deze mededeling schriftelijk te geschieden ‘aan de rechthebbende wiens adres de houder van de begraafplaats bekend is of redelijkerwijs bekend kan zijn‘. Het laatste deel van de zin (‘of redelijkerwijs bekend kan zijn ‘) is bij de wijziging van de wet geschrapt. In het kader van de vermindering van administratieve lasten komt de verantwoordelijkheid voor het geven van het juiste adres nu uitdrukkelijk bij de rechthebbende te liggen. Van de houder van de begraafplaats wordt dan niet méér verlangd dan dat hij het adres uit zijn eigen administratie gebruikt. Vaak wordt gedacht dat graven voor onbepaalde tijd 'voor eeuwig' zijn uitgegeven of voor zo lang als de begraafplaats bestaat. Dat is een misverstand. 'Voor onbepaalde tijd' wil alleen zeggen dat op het moment van het vestigen van het grafrecht nog niet bekend is wanneer dit zal aflopen. In Wageningen is bepaald dat een graf voor onbepaalde tijd op twee rechthebbenden kan worden overgeschreven, voordat de rechten aflopen. De achterliggende idee is dat een graf op deze manier twee generaties lang kan blijven bestaan. De rechten eindigen dan wanneer de tweede rechthebbende (van de tweede generatie) overlijdt. De status van zo'n graf wordt dan dat van een gewoon particulier graf. Een derde of volgende rechthebbende kan de rechten verwerven, op voorwaarde dat hij de rechten verlengt net als voor een particulier graf. Op de beschikking voor de verlenging van de rechten staat het betreffende graf dan ook aangeduid als een (gewoon) particulier graf.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel