Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 2

Reikwijdte van het mandaat

Onderdeel van Algemeen mandaatbesluit stadsdeel centrum 2015

1.. De functionaris  die mandaat krijgt voor het uitoefenen  van een bevoegdheid, is met betrekking tot die bevoegdheid tevens bevoegd tot het verrichten van alle benodigde (feitelijke) voorbereidingshandelingen het voeren van correspondentie het verstrekken  van mondelinge  of schriftelijke informatie en gegevens van feitelijke en objectieve aard het ondertekenen van de betreffende  stukken het voldoen aan publicatieverplichtingen; het verdagen (verlengen)  c.q. opschorten   van beslistermijnen inzake te nemen besluiten overeenkomstig van toepassing zijnde regelgeving, voor zover niet opgenomen  in het mandaatregister het beslissen op ingebrekestellingen wegens het niet tijdig beslissen als bedoeld in paragraaf 4.1.3.2 Algemene wet bestuursrecht; overige direct met de gemandateerde bevoegdheid samenhangende handelingen het vragen van adviezen en het inwinnen van inlichtingen 2.. De mandaatverlening omvat tevens de bevoegdheid om, ter zake van de bevoegdheden  opgenomen  in het bij dit mandaatbesluit behorende  mandatenregister, te weigeren, in te trekken, te wijzigen, voorschriften of voorwaarden  te stellen,  niet in behandeling te nemen, te verzoeken om aanvullende gegevens te verstrekken  e.e.a. voor zover niet reeds opgenomen in het mandaatregister en mits niet uitdrukkelijk uitgesloten  of beperkt. 3.. Voor zover het in mandaat  genomen  besluit een rechtshandeling  betreft  met financiële gevolgen dient de gemandateerde te zijn aangewezen  als budgethouder bij of krachtens de Budgethoudersregeling en overstijgt de waarde van de rechtshandeling niet het bedrag dat in het algemeen  voor de betreffende functie of in het bijzonder voor de betreffende functionaris  is vastgesteld  bij of krachtens de Budgethoudersregeling; 4.. Van het mandaat  dat op grond van dit register aan een functionaris van buiten de stadsdeelorganisatie is toegekend, mag slechts gebruik worden gemaakt  voor zover de bevoegdheid in het kader van de uitoefening van werkzaamheden voor het stadsdeel  wordt toegepast; 5.. De functionaris  die mandaat  krijgt voor het uitoefenen  van een bevoegdheid,  is niet gerechtigd  deze uit te oefenen indien hij tevens  belanghebbende is.                                                                                                                                              ' 6.. Tenzij uitdrukkelijk uitgesloten  of beperkt- als vermeld onder 'voorwaarden  mandaat/opmerking' in het mandatenregister-is de gemandateerde functionaris  be;voegd tot het verlenen van verder ondermaat. 7.. het mandaat  mag niet uitgeoefend  worden als de mandaatgever vooraf te kennen heeft gegeven zelf te willen beslissen.

Rechtspraak bij dit artikel