Naar hoofdinhoud
1.. Voor het van gemeentewege schoonhouden en verzorgen van de begraafplaats en van de op de grafruimten geplaatste voorwerpen en beplanting - waaronder niet begrepen, het herstellen en vernieuwen van voorwerpen, het vernieuwen van beplanting en het ophalen van graftekenen - wordt voor de periode, waarvoor een vergunning als bedoeld in artikel 21 en 22 van de Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen Heemskerk 2015 geldt een bedrag geheven van: € 1.316,45 voor grafruimten, gelegen in sectie AA voor een periode van twintig jaar; € 1.316,45 voor huurgraven, gelegen in sectie BB voor een periode van twintig jaar; € 658,30 voor grafruimten, gelegen in sectie AA voor een periode van tien jaar; € 658,30 voor huurgraven, gelegen in sectie BB voor een periode van tien jaar; € 329,10 voor huurgraven, gelegen in sectie AA voor een periode van vijf jaar; € 329,10 voor huurgraven, gelegen in sectie BB voor een periode van vijf jaar; € 328,95 voor algemene graven gelegen in sectie BB voor een periode van tien jaar. 2.. Indien er sprake is van het verlengen van het uitsluitend recht tot het doen begraven en begraven houden voor een periode van vijf, tien respectievelijk twintig achtereenvolgende jaren wordt een bedrag in rekening gebracht overeenkomstig het bepaalde in het eerste lid afhankelijk van de gekozen periode. Indien de termijn van verlenging afwijkt van de in het eerste lid genoemde termijnen bedraagt het verschuldigde bedrag € 65,80 per jaar. Het bepaalde in artikel 5, tweede lid van deze verordening is daarbij van overeenkomstige toepassing. 3.. Het schoonhouden en verzorgen van voorwerpen geplaatst in een urnen nis alsmede van een geplaatste afdekplaat van de urnen nis geschiedt door en voor rekening van de rechthebbende.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel