**1..** In de feitentabel staat voor welke ordeverstoringen of strafbare feiten een gebiedsverbod of een meldplicht kan worden opgelegd. De duur van het verbod is afhankelijk van de ernst van het gepleegde feit.
Feitentabel categorie 1: feiten waarvoor een verbod van 4 weken kan worden opgelegd
Samenscholing en ongeregeldheden
2:1 Apv
Ordeverstoring bij evenement
2:26 Apv
Hinderlijk gedrag op of aan de weg
2:47 Apv
Hinderlijk drankgebruik op de weg
2:48 Apv
Hinderlijk gedrag in voor publiek toegankelijke ruimten
2:50 Apv
Feitentabel categorie 2: feiten waarvoor een verbod van 8 weken kan worden opgelegd
Drugshandel/-gebruik op straat
2:74 Apv
Straatprostitutie
3:9 Apv
Schennis van eerbaarheid
239 Sr.
Belediging ambtenaar in functie
266 jo. 267 Sr.
Eenvoudige mishandeling
300 Sr.
Diefstal
310 Sr.
Diefstal met braak
311 lid 1 sub 5 Sr.
Wederspannigheid
180 Sr.
Wederspannigheid in vereniging
182 Sr.
Baldadigheid / straatschenderij
424 Sr.
Openbare dronkenschap
452 Sr.
Ordeverstoring in dronkenschap
426 Sr.
Feitentabel categorie 3: feiten waarvoor een verbod van 12 weken kan worden opgelegd
Openlijke geweldpleging
141 Sr.
Mishandeling ambtenaar in functie
304 Sr.
Geweld tegen hulpverleners of andere ambtenaren in functie
304 Sr.
Handel in harddrugs
2 Opiumwet
Handel in softdrugs
3 Opiumwet
Bedreiging
285 Sr.
Doodslag
287 Sr.
Moord
289 Sr.
Zware mishandeling
302. Sr.
Zeden
240-250 Sr.
Misdrijf tegen openbaar gezag
179 Sr.
Niet voldoen aan bevel of vordering
184 Sr.
Verbod voorhanden hebben wapens
Art. 26 WWM*
Verbod dragen wapens
Art. 27 WWM
**2..** Onder feiten worden ook pogingen en dreigingen verstaan indien hierdoor de openbare orde verstoord is of kan worden. De burgemeester houdt ook rekening met meldingen en aangiftes.
**3..** De genoemde feiten blijken uit een aangezegd of uitgereikt proces-verbaal of een rapportage van een opsporingsambtenaar.
Hoofdstuk 2
Artikel 5