**1..** Voor de vorderingen op verbonden partijen en derden wordt een voorziening wegens oninbaarheid gevormd op basis van een individuele beoordeling op inbaarheid van de openstaande vorderingen.
**2..** Voor openstaande vorderingen betreffende:
onroerendezaakbelastingen;
reclamebelasting;
rioolheffing;
afvalstoffenheffing;
leges;
wordt, met uitzondering van individuele vorderingen groter dan € 25.000, een voorziening wegens oninbaarheid gevormd ter grootte van het percentage zoals in het volgende lid is opgenomen.
**3..** De voorziening voor oninbare vorderingen, niet groter dan € 25.000, wordt gevormd op basis van de volgende uitgangspunten:
vorderingen minder dan 1 jaar oud 0% oninbaar;
vorderingen tussen de 1 en 2 jaar oud 50% oninbaar;
vorderingen meer dan 2 jaar oud 100% oninbaar.
**4..** Peildatum voor de ouderdom van de vordering is 31 december van het kalenderjaar.
**5..** Voor alle vorderingen groter dan € 25.000 wordt een voorziening wegens oninbaarheid gevormd op basis van een individuele beoordeling op inbaarheid van de openstaande vorderingen.
Hoofdstuk 3.
Artikel 8.