**1..** Indien belanghebbende een uitkering ontvangt op grond van de Participatiewet, de IOAW of de IOAZ, bedraagt de terugbetalingsverplichting 10% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm, dan wel de van toepassing zijnde grondslag van de IOAW en IOAZ per maand inclusief vakantietoeslag.
**2..** In afwijking van het gestelde van het eerste lid, wordt de terugbetalingsverplichting lager vastgesteld indien er sprake is van bijzondere omstandigheden.
**3..** In afwijking van het gestelde in het eerste lid, wordt met een betalingsvoorstel van de debiteur ingestemd, voor zover daarmee de vordering, niet zijnde een fraudevordering, binnen een aaneengesloten periode van 24 maanden in zijn geheel kan worden afgelost en de voorgestelde terugbetaling tenminste € 25,00 per maand bedraagt. Daarbij wordt het betalen van 24 termijnen binnen 26 maanden gelijkgesteld met onafgebroken betaling binnen twee jaar.
**4..** In geval van beslaglegging door een derde (dat wil zeggen een andere schuldeiser dan het college), kan de terugbetalingsverplichting ingevolge de bovengenoemde leden voor alle vorderingen worden bepaald op de volledige beslagruimte zoals aangegeven in artikel 475d van het wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.
Hoofdstuk 3. › Paragraaf 3.1
Artikel 11.
Vaststelling van de hoogte van de maandelijkse terugbetalingscapaciteit bijbelanghebbenden met een minimum uitkering
Onderdeel van Beleidsregels terugvordering Participatiewet, IOAW en IOAZ gemeente Oldenzaal 2017