Naar hoofdinhoud
1.. De vergunninghouder: verplaatst of breekt zijn opstal op de standplaats niet af tijdens de markt; hindert of belemmert de doorgang in de wandelgangen op en langs het marktterrein niet; houdt zich niet aan de voorzijde van de standplaats op bij het te koop aanbieden, verkopen of afleveren van goederen of waren; heeft op de standplaats geen andere goederen of waren in voorraad dan die waarvoor vergunning is verleend; voert op de markt geen afval aan. Onder afval wordt mede verstaan waren of goederen of partijen daarvan, die geheel of in belangrijke mate ongeschikt zijn om te verhandelen; heeft op de markt geen rij - en voertuigen aanwezig, waarmee goederen of waren op de markt worden of zijn aangevoerd, op een andere plaats dan die welke door burgemeester en wethouders is aangewezen; loopt of rijdt niet rond op het marktterrein tijdens de duur van de markt met goederen of waren met het doel om deze goederen of waren te verkopen; biedt op het marktterrein geen goederen of waren te koop aan, verkoopt of levert geen goederen of waren af buiten de markttijd; gebruikt voor de verlichting van de standplaats alleen elektrische verlichting; gebruikt op het marktterrein L.P.G. alleen voor de aandrijving van motorvoertuigen. 2.. Burgemeester en wethouders kunnen aan het gebruik van bak - en kookinstallaties voorschriften verbinden.

Rechtspraak bij dit artikel