Voor zover noodzakelijk en adequaat in relatie tot het doel van de subsidie als bedoeld in artikel 2.1, komen de volgende daadwerkelijk gemaakte uren en kosten in aanmerking:
de ureninzet van derden;
de ureninzet van de aanvrager bij een project-voorbereiding die zich richt op de circulaire economie;
de kosten van een juridisch, technisch, financieel of organisatieadvies;
de kosten van projectgebonden materieel.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.3