**1..** Naast de in artikel 4:25, tweede lid, en artikel 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht genoemde gronden wordt een aanvraag voor subsidie geweigerd:
voor zover de verlening een steunmaatregel zou vormen die in strijd is met artikel 107 of 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie;
als door verlening van de subsidie het subsidieplafond wordt overschreden.
**2..** Daarnaast kan de subsidie worden geweigerd als naar het oordeel van het college:
de te subsidiëren activiteiten van de aanvrager niet gericht zijn op de gemeente of niet aanwijsbaar ten goede komen aan ingezetenen van de gemeente;
de subsidieverstrekking niet past binnen door de raad of het college vastgesteld beleid;
uit de overgelegde begroting naar voren komt dat de activiteiten waarvoor subsidie wordt gevraagd financieel niet haalbaar zijn;
de gelden niet of in onvoldoende mate besteed zullen worden voor het doel waarvoor de subsidie beschikbaar wordt gesteld;
de gelden in een eerder subsidiejaar niet of in onvoldoende mate besteed zijn voor het doel waarvoor de subsidie beschikbaar was gesteld;
de aanvrager doelstellingen beoogt of activiteiten zal ontplooien die in strijd zijn met de wet, het algemeen belang of de openbare orde;
door de aanvrager niet is aangetoond dat de subsidie noodzakelijk is voor het verrichten van de activiteiten waarvoor deze is aangevraagd;
de aanvrager de maatschappelijke behoefte aan de activiteiten niet aannemelijk kan maken;
een doublure ontstaat met activiteiten van een al door de gemeente gesubsidieerde (rechts)persoon;
de door de aanvrager aan de deelnemers van de activiteiten gevraagde eigen bijdrage zo laag is gesteld, dat door een redelijke verhoging hiervan subsidieverlening verlaagd kan worden;
de activiteiten uitsluitend in het belang zijn van een politieke groepering, vakorganisatie, bedrijf of kerkgenootschap dan wel in hoofdzaak politieke of godsdienstige vorming beogen.
Hoofdstuk 4
Artikel 8.