Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3

Artikel 11

Nieuwe feiten en omstandigheden, herziening, intrekking of terugvordering

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp Gouda

Onverminderd artikel 2.3.8 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 en artikel 8.1.2 van de Jeugdwet doet een cliënt op verzoek of onverwijld uit eigen beweging aan het college mededeling van alle feiten en omstandigheden, waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat deze aanleiding kunnen zijn tot heroverweging van een beslissing aangaande het recht op een voorziening. Onverminderd artikel 2.3.10 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 en artikel 8.1.4 van de Jeugdwet kan het college een besluit genomen op grond van deze verordening herzien dan wel intrekken als het college vaststelt dat: de cliënt onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een ander besluit zou hebben geleid; de cliënt niet langer op de voorziening of het pgb is aangewezen; de voorziening of het pgb budget niet meer toereikend is te achten; de cliënt niet voldoet aan de voorwaarden van de voorziening of het pgb; of de cliënt de voorziening of het pgb niet of voor een ander doel gebruikt dan waarvoor het is bestemd. Als het college een besluit op grond van het tweede lid, onder a, heeft ingetrokken en verstrekking van onjuiste of onvolledige gegevens opzettelijk heeft plaatsgevonden, kan het college de geldswaarde vorderen van de ten onrechte genoten voorziening of het ten onrechte genoten pgb.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel