Elke fractie legt, binnen drie maanden na het einde van een kalenderjaar, aan de raad verantwoording af over de besteding van de bijdrage voor fractieondersteuning onder overlegging van een verslag.
Indien de verantwoording over het vorige kalenderjaar vóór de in het eerste lid genoemde termijn niet is ingediend, wordt de over het lopende kalenderjaar resterende vergoeding en eventueel volgende kalenderjaar vastgestelde vergoeding niet uitbetaald.
De griffie toetst of de uitgaven in overeenstemming zijn met hetgeen in de verordening is vastgelegd als zijnde toegestaan en rapporteert over haar bevindingen aan de kascommissie. Deze commissie bestaat uit drie door de raad uit haar midden benoemde leden. Dit zijn dezelfde leden als die welke de kascommissie vormen in het kader van de verantwoording over de besteding van de bijdrage voor scholing, als bedoeld in art. 6c van de Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden Capelle aan den Ussel 2016.
De kascommissie toetst de bevindingen van de griffie en rapporteert - in de vorm van een conceptraadsvoorstel en -raadsbesluit - aan de commissie tot welke het aandachtgebied Algemene Beleidscoördinatie behoort. Deze commissie brengt advies uit aan de raad.
De raad stelt de bedragen vast van:
de uitgaven van een fractie die in het vorige kalenderjaar uit de bijdrage bekostigd zijn;
de wijziging van de reserve;
de resterende reserve;
de verrekening tussen de in onderdeel a. genoemde uitgaven en het ontvangen voorschot en, voor zover nodig, de hoogte van de terugvordering van ontvangen voorschotten en voor zover van toepassing bij wijze van sanctie de verrekening van de in artikel 11, tweede lid genoemde bedragen met de jaarlijks toe te kennen bijdrage.
PARAGRAAF 2
Artikel 11
Verantwoording
Onderdeel van Verordening op de ambtelijke bijstand en de fractieondersteuning gemeente Capelle aan den IJssel 2008