De belasting wordt niet geheven terzake van het verblijf:
door degenen die verblijf houden aan boord van een:
vaartuig dat is ingericht en wordt gebruikt door een toegelaten instelling als bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Wet Toelating Zorginstellingen;
een vaartuig dat is ingericht en wordt gebruikt voor de opvang van daklozen, thuislozen of drugsverslaafden;
waarvoor de gemeente belasting heft ingevolge de verordening op de heffing en de invordering van een toeristenbelasting;
van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000, die rechtmatig in Nederland verblijft in de zin van artikel 8, letters c, d, f, g en h van voornoemde wet, en voorzover deze persoon verblijf houdt in een gelegenheid als bedoeld in artikel 2 van de verordening, onder verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers.
Artikel 4
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van een watertoeristenbelasting in de gemeente ’s- Hertogenbosch 2018