Naar hoofdinhoud
De belasting, als bedoeld in artikel 2, eerste lid, wordt niet geheven ter zake van: voorwerpen of werken ten behoeve van eigendommen, welke bij de gemeente of haar instelingen in gebruik zijn, tenzij deze zijn verhuurd of in exploitatie zijn gegeven aan derden; ten behoeve van het publiek aangebrachte brievenbussen, postzegelautomaten, telefooncellen en niet tot reclame dienende aanwijzingen; wegwijzers en verkeersaanwijzingen van de ANWB en van andere vergelijkbare instellingen; voorzieningen, aangebracht ten behoeve van mindervaliden, tot het toegankelijk maken van een eigendom; voorwerpen of werken, welke noodzakelijk zijn ter uitoefening van de publiekrechtelijke taak door het rijk of door lagere overheden aangebracht of geplaatst; borden boven openbare gemeentegrond aangebracht tot verhuur of verkoop van onroerende zaken, in het geval deze borden aan het te verhuren/verkopen object zijn bevestigd; leidingen, masten en schotels c.a., welke dienen voor de doorgifte of versterking van antennesignalen; goten, bloembakken, regenpijpen, balkons, spionnen en dergelijke; voorwerpen, uitsluitend gebezigd ten dienste van niet-commerciële doeleinden, gedurende een periode van maximaal twee weken; halteborden, abri's, rijwielstallingen en dergelijke ten dienste van openbare vervoersdiensten; feestverlichting of dergelijke voorwerpen, uitsluitend gebezigd in verband met evenementen ter opluistering van plaatselijke feesten of nationale feestdagen; verwijzingsborden door de winkeliers in de Hoogstraatpromenade.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel