1 Naast degene aan wie ingevolge artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering opsporingsbevoegdheid toekomt, zijn met het opsporen van overtredingen van het bepaalde in deze verordening belast de door Burgemeester en Wethouders aangewezen ambtenaren van het havenbeheer, ieder voor zoveel het zaken betreft die aan zijn toezicht zijn toevertrouwd.
2 Indien daartoe noodzakelijkheid bestaat, voor wat betreft de zorg voor de naleving van enig voorschrift in deze verordening gesteld, wordt hierbij aan hen die met de zorg voor de naleving daarvan belast zijn of daaraan meewerken, de last verstrekt te allen tijde al dan niet afgesloten ruimten of plaatsen, woningen en vaartuigen daaronder begrepen, te betreden of binnen te treden, desnoods tegen de wil van rechthebbende, zulks voor zover het woningen betreft, met inachtneming van het bepaalde bij de Wet van 31 augustus 1853 (Staatsblad 183).
Hoofdstuk 1
Artikel 5
Bijzondere opsporingsambtenaren
Onderdeel van Havenverordening voor de gemeente Enschede