Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.9

Artikel 2.9.6

scootermobiel:

Onderdeel van Beleidsregels en nadere regel maatschappelijke ondersteuning Maassluis Vlaardingen Schiedam 2018

Een scootermobiel wordt slechts verstrekt als het voor de cliënt een noodzakelijk vervoermiddel in het dagelijks leven is ten behoeve van het voeren van een zelfstandig huishouden. Wet- en regelgeving: Verordening artikel 7 Criteria: de cliënt heeft een loopafstand van maximaal 100 meter; de fiets gaat frequent gebruikt worden en niet alleen voor recreatieve verplaatsingen; er is een geschikte mogelijkheid tot veilig, overdekt en afgeschermd stallen in of bij de woning, die de cliënt zelfstandig kan bereiken. de cliënt heeft geen functiestoornissen waardoor deelname aan het verkeer niet verantwoord is (visus, gehoor, arm-, hand- en schouderfuncties, bewustzijn, inschattings- en reactievermogen en dergelijke). Bij de advisering van een scootermobiel wordt altijd eerst gekeken of een compacte/standaard scootermobiel (zonder extra vering) een adequate oplossing biedt. Is deze om medische of antropometrische redenen niet adequaat dan kan een ander model worden geadviseerd. Uit oogpunt van kosten wordt de voorkeur gegeven aan een compacte/standaard scootermobiel met een snelheid van 8 km per uur en een actieradius van 20 tot 25 km. Een wens voor een scootermobiel met een hogere snelheid en/of een grotere actieradius wordt niet ingewilligd indien een compacte scootermobiel passend is voor de cliënt. Een scootermobiel is immers bedoeld voor de nabije woon- en leefomgeving. Voor verder weg gelegen bestemmingen kan gebruik gemaakt worden van de Regiotaxi Waterweg, eventueel in combinatie met de scootermobiel. De scootermobiel wordt verstrekt inclusief onderhoud en WA-verzekering. Een verstrekte scootermobiel wordt ingenomen indien: een cliënt niet meer voldoende rijvaardig is en rijlessen onvoldoende resultaat heeft opgeleverd; er na een schriftelijke waarschuwing wederom sprake is van oneigenlijk, onzorgvuldig of onjuist gebruik van de voorziening; cliënt niet meer beschikt over een geschikte stallingsmogelijkheid.

Rechtspraak bij dit artikel