In deze paragraaf wordt verstaan onder:
growshop: een winkel waarin de hoofdactiviteit of één van de
activiteiten wordt gevormd door detailhandel in
kweekbenodigdheden, zoals
meststoffen,bestrijdingsmiddelen, plantenvoeding,
potgrond, lampen, ventilatiesystemen en waterpompen, bedoeld
of kennelijk bedoeld voor de kweek van hennep, cannabis dan
wel soortgelijke planten;
smartshop: een winkel waarin de hoofdactiviteit of één van
de activiteiten wordt gevormd door detailhandel in
psychotrope stoffen;
headshop: een winkel waarin de hoofdactiviteit of één van de
activiteiten wordt gevormd door detailhandel in attributen
die samenhangen met het gebruik van softdrugs, zoals pijpjes
en vloeitjes;
belshop of belwinkel: inrichting waarin de hoofdactiviteit
of één van de activiteiten wordt gevormd door aan derden
gelegenheid te bieden tot elektronisch berichtenverkeer,
(internationaal) telefoonverkeer, dan wel tot aanverwante
diensten;
internetcafé: inrichting waarin de hoofdactiviteit of één
van de activiteiten wordt gevormd door aan derden
gelegenheid te bieden tot elektronisch berichtenverkeer dan
wel tot aanverwante diensten;
inrichting: een voor het publiek toegankelijke ruimte waarin
bedrijfsmatig, in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was of
anders dan om niet handelingen en/of werkzaamheden worden
verricht die zijn aan te merken als het exploiteren van een
smartshop, headshop, growshop, belshop/ belwinkel of
internetcafé;
exploitant: de natuurlijke (rechts)persoon of
(rechts)personen voor wiens rekening en risico de inrichting
wordt geëxploiteerd en de tot vertegenwoordiging van die
rechtspersoon of -personen bevoegde natuurlijke
personen;
leidinggevende: de exploitant alsmede andere natuurlijke
personen die algemene of onmiddellijke leiding geven aan een
inrichting.
Hoofdstuk 2. › Afdeling 17
Artikel 2:82
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening 2010