Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Mandaat

Onderdeel van Mandaatbesluit Arnhem-ODRN 2013

De directeur van de ODRN is gemandateerd om de navolgende bevoegdheden die het bestuursorgaan bij of krachtens wettelijk voorschrift of delegatie toekomen, uit te oefenen voor zover het betreft de aan de ODRN opgedragen taken voor de BRZO-inrichtingen: Algemeen 1. Het verrichten van feitelijke handelingen ter voorbereiding en uitvoering van de namens het bestuursorgaan te nemen besluiten. 2. Het verstrekken van bevestigingen en bewijzen van ontvangst. 3. Het doorzenden van geschriften als bedoeld in artikel 2:3 van de Algemene wet bestuursrecht. 4. Het nemen van besluiten inzake het vernietigen, het uitlenen, het geven van inzage en het overdragen van archiefbescheiden als bedoeld in de Archiefwet. Rechtshandelingen Algemene wet bestuursrecht 1. Het besluiten tot het toepassen en het uitvoeren van de uniforme openbare voorbereidingsprocedure als bedoeld in afdelinq 3.4 van de AIJ iemene wet bestuursrecht. 2. Het uitoefenen van bevoegdheden als bedoeld in afdeling 4.1.1 "De aanvraag" van de Alqemene wet bestuursrecht zoals een besluit om een aanvraag niet in behandeling te nemen. 3. Het oefenen van bevoegdheden als bedoeld in afdeling 4.1.2 "De voorbereiding" van de Algemene wet bestuursrecht zoals het horen van de aanvrager en belanghebbenden dan wel het afzien van het horen. 4. Het uitoefenen van bevoegdheden als bedoeld in afdeling 4.1.3 "Beslistermijn" van de Algemene wet bestuursrecht, zoals het verlengen en opschorten van de beslistermijn en het vaststellen van de verschuldigdheîd en hoogte van een dwangsom bij niet tijdig beslissen. 5. Het uitoefenen van bevoegdheden als bedoeld in titel 5.3 "Herstelsancties" van de Algemene wet bestuursrecht zoals: - het opleggen en (gedeeltelijk) intrekken van een last onder bestuursdwang - een machtiging tot binnentreden in het kader van uitvoering bestuursdwang - het opleggen en (gedeeltelijk) intrekken van een last onder dwangsom - het toepassen van spoedbestuursdwang - het besluit op een verzoek om handhaving - het besluit om al dan niet tot invordering over te gaan van een verbeurde dwangsom of van de kosten voor bestuursdwang 6. Het uitoefenen van de bevoegdheden op grond van titel 5.4 "Bestuurlijke boete" van de Alqemene wet bestuursrecht. Rechtshandelingen bijzondere wet- en regelgeving Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) 1. De bevoegdheid te besluiten over een enkelvoudige en meervoudige alsmede een gefaseerde aanvraag om omgevingsvergunning voor activiteiten als bedoeld in artikel 2.1 en artikel 2.2 van de Wabo. 2. Handhaving van het bij of krachtens de Wabo bepaalde alsmede handhaving van het bepaalde bij of krachtens de wetten zoals genoemd in artikel 5.1 van de Wabo voor zover dit bij of krachtens die wetten is bepaald, voor een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder e van de Wabo. 3. De bevoegdheid tot handhaving voor een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder e van de Wabo omvat ook de bevoegdheid te besluiten om niet handhavend op te treden (te gedogen), het weigeren en intrekken van een gedoogbeschikking en het verlengen van de termijn van een çiedooqbeschikkinq. 4. De bevoegdheid te besluiten tot het toepassen van spoedbestuursdwang voor activiteiten als bedoeld in artikel 2.1 en 2.2 van de Wabo. 5. Het uitoefenen van alle overige bevoegdheden toegekend bij of krachtens de Wabo zoals: - het aanwijzen van toezichthouders - het verlengen van de beslistermijn - het besluit dat voor een activiteit geen omgevingsvergunning vereist is - het verlenen van een tijdelijke vergunning - het wijzigen van een omgevingsvergunning en vergunningvoorschriften ambtshalve of op verzoek - het geheel of gedeeltelijk intrekken van een omgevingsvergunning - het verlenen van toestemming voor overdracht omgevingsvergunning aan een andere rechtspersonen - het intrekken van een beschikking met betrekking tot de eerste en/of tweede fase - het bepalen dat een besluit terstond na haar bekendmaking in werking treedt - het besluit over een seizoensgebonden bouwwerk - het besluit op een aanvraag om ontheffing Wet milieubeheer 1. Het uitoefenen van bevoegdheden bij of krachtens de Wet milieubeheer zoals: - het nemen van een mer-beoordelingsbesluit - het stellen van maatwerkvoorschriften - besluiten naar aanleiding van een melding - het besluit op een verzoek om geheimhouding - het verbinden van voorschriften aan een omgevingsvergunning die afwijken van de regels als bedoeld in artikel 8.42a Wet milieubeheer - het besluit op een aanvraag ex artikel 8.40a, derde lid van de Wet milieubeheer (gelijkwaardigheidstoets) - het besluit op een aanvraag om ontheffing - het wijzigen of intrekken van een ontheffing Besluit risico's zware ongevallen 1999 1. Het uitoefenen van bevoegdheden bij of krachtens het Besluit risico's zware ongevallen 1999 zoals: - besluiten over veiligheidsrapporten - handhaving van verplichtingen Bouwbesluit 1. Het uitoefenen van bevoegdheden bij of krachtens het Bouwbesluit zoals: - het opleggen en wijzigen van nadere voorwaarden - het geven van een aanwijzing ex artikel 8.3 van het Bouwbesluit - het besluit op een verzoek om ontheffing voor bouwlawaai en trillingshinder

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel