Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3:

Artikel 12.

Regels voor pgb

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Nunspeet 2018

1.. Het college of de hiervoor in artikel 2 lid 3 bedoelde instantie verstrekt een pgb in overeenstemming met artikel 2.3.6 van de wet. 2.. Onverminderd artikel 2.3.6, tweede en vijfde lid, van de wet verstrekt het college of de hiervoor in artikel 2 lid 3 bedoelde instantie geen pgb voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de belanghebbende voorafgaand aan de indiening van de aanvraag heeft gemaakt en niet meer is na te gaan of de ingekochte voorziening noodzakelijk was. 3.. De hoogte van een pgb: wordt vastgesteld aan de hand van een door de cliënt opgesteld plan over hoe hij het pgb gaat besteden; wordt berekend op basis van een prijs of tarief waarmee redelijkerwijs is verzekerd dat het pgb toereikend is om veilige, doeltreffende en kwalitatief goede diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren, van derden te betrekken, en wordt indien nodig aangevuld met een vergoeding voor onderhoud en verzekering, en bedraagt niet meer dan de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst adequate in de gemeente beschikbare maatwerkvoorziening in natura. 4.. Ten aanzien van de berekeningswijze van pgb’s wordt onderscheid gemaakt tussen verschillende vormen van zorg en ondersteuning en, voor zover van toepassing, in ieder geval in verband met de te bieden deskundigheid en/of het vereiste opleidingsniveau en/of er gewerkt wordt volgens toepasselijke professionele of kwaliteitsstandaarden. 5.. Een cliënt aan wie een pgb wordt verstrekt voor woningaanpassingen of hulpmiddelen, kan voor de arbeid een persoon die behoort tot het sociale netwerk betrekken als: a.. deze persoon hiervoor een tarief hanteert dat niet hoger is dan het tarief op basis van het wettelijk minimumloon (WML) en minimumvakantiebijslag, en b.. tussenpersonen of belangenbehartigers niet uit het pgb worden betaald. 6.. De pgb-tarieven worden onderscheiden in: a. Een tarief voor ondersteuning die geleverd wordt door gecontracteerde aanbieders van zorg in natura en voor hulpverleners die werken volgens vastgestelde kwaliteitsstandaarden. Deze kwaliteitsstandaarden zijn gelijk aan die gelden voor aanbieders van zorg in natura; b. een tarief voor hulpverleners die niet werken volgens vastgestelde kwaliteitsstandaarden. Eisen aan deze hulpverleners zijn -  De aanbieder moet ingeschreven staan bij de Kamer van Koophandel; -. De hulpverlener moet beschikken over een actuele Verklaring Omtrent Gedrag (VOG); -. De hulpverlener moet over een adequate opleiding beschikken; -. De hulpverlener moet, voor zover dit voor de aard van de dienstverlening vereist is, beschikken over een voor de beroepsgroep relevante registratie; -. De aanbieder moet meewerken aan een cliënt-ervaringsonderzoek en/of daarvoor de benodigde informatie te verstrekken. c.. een tarief voor hulpverleners uit het sociale netwerk en overige hulpverleners. 7.. Het pgb-tarief voor ondersteuning die geleverd wordt door gecontracteerde aanbieders van zorg in natura en hulpverleners die werken volgens vastgestelde kwaliteitsstandaarden wordt bepaald op maximaal 80% van de op grond van artikel 16 van deze verordening door het college vastgestelde prijzen van de betreffende maatwerkvoorziening in natura. 8.. In afwijking van het zevende lid wordt het pgb-tarief voor Beschermd wonen bepaald op basis van een naar aard en omvang oplopend percentage tot maximaal 80% van de in het besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Nunspeet gehanteerde prijzen van de maatwerkvoorzieningen beschermd wonen in natura. 9.. Het pgb-tarief voor hulpverleners die niet werken volgens vastgestelde kwaliteitsstandaarden wordt bepaald op maximaal 75% van de op grond van artikel 16 van deze verordening door het college vastgestelde prijzen van de betreffende maatwerkvoorziening in natura. 10.. Het pgb-tarief voor begeleiding individueel voor hulpverleners vanuit het sociale netwerk en overige hulpverleners is gelijk aan het uurloon van de hoogste periodiek behorende bij FWG 30 van de voor de betreffende periode geldende cao VVT, te vermeerderen met vakantietoeslag en de tegenwaarde van de verlofuren. 11. . het pgb-tarief voor hulp bij het huishouden voor hulpverleners vanuit het sociaal netwerk en overige hulpverleners is gelijk aan het uurloon van de hoogste periodiek behorende bij hulp bij het huishouden van de voor de betreffende periode geldende cao VVT, te vermeerderen met vakantietoeslag en de tegenwaarde van de verlofuren. 12. . Met in achtneming van het in lid 1 tot en met 11 bepaalde, legt het college in het Besluit de hoogte van het pgb per soort maatwerkvoorziening, respectievelijk categorie vast.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel