1 Overtreding van de voorschriften genoemd in de artikelen 4.2, 4.5,
4.7, 4.8, 4.9, 4.10, eerste tot en met vierde lid, 4.11, 4.12, 4.13,
4.14, 5.2.1, 5.4.1, 6.1.1, eerste lid, 6.1.7, 6.2.1, eerste en tweede
lid, 6.2.2, eerste lid, 6.3.1, 6.3.2, 6.4.1, 7.1.1, 7.1.2, 7.2.1, 7.2.2,
7.2.3, 7.3.2, 7.4.1, 7.5.1, 7.6.1, 8.1.1, eerste lid, 8.2.1, negende en
tiende lid, 8.3.1, 8.3.2, 8.3.3, 8.3.4, 8.4.1, geldt als strafbaar feit
en wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste vier maanden of
geldboete van de derde categorie.
2 Overtreding van de in het eerste lid genoemde artikelen 8.1.1, eerste
lid, 8.2.1, negende en tiende lid, 8.3.1, 8.3.2, 8.3.3, 8.3.4, 8.4.1,
geldt een strafbaar feit als bedoeld in artikel 110, tweede lid van de
Woningwet.