De belasting wordt geheven van degene:
die gebruik maakt van de in artikel 1, onder a, bedoelde bezittingen, werken of inrichtingen;
die het genot heeft van de in artikel 1, onder b, bedoelde diensten;
van wie dan wel ten behoeve van wie, de in artikel 1, onder c, bedoelde voorwerpen worden aangetroffen.
Artikel 2
- Belastingplicht
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van precariobelasting en rechten 2018