Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3. › Paragraaf 3.3

Artikel 21.

Wettelijke rente en kosten

Onderdeel van Beleidsregels terug- en invordering Participatiewet, IOAW en IOAZ

Het college ziet af van het in rekening brengen van wettelijke rente. Dit geldt ook bij terugvordering van bijstand in de vorm van een geldlening onder verband van hypotheek, waarvan de verstrekking is geschied op basis van artikel 48, lid 3, PW en artikel 50 PW (eigen woning). Kosten die opkomen voorafgaand aan een terugvorderingsbesluit kunnen op grond van jurisprudentie niet bij de belanghebbende in rekening worden gebracht, zoals de kosten van conservatoir beslag. Voor vereenvoudigd derdenbeslag wordt een beperkt bedrag in rekening gebracht. Als niet wordt voldaan aan de betalingsverplichtingen en er wordt overgegaan tot vereenvoudigd beslag of tot verdere incasso via een (gerechts)deurwaarder, wordt het nog niet afgeloste deel van de vordering verhoogd met incassokosten overeenkomstig het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten, t.w.: over de eerste € 2.500 15 % (minimaal € 40) over de volgende € 2.500 10 % over de volgende € 5.000 5 % over de volgende € 190.000 1 % over het meerdere 0,5 % (maximaal totaal € 6.775) Ontvangen gelden worden bij voorrang op de vordering vanwege incassokosten afgeboekt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel