**1..** Jeugdigen en ouders komen slechts in aanmerking voor een individuele voorziening voor zover zij geen oplossing kunnen vinden voor de hulpvraag:
binnen hun eigen mogelijkheden en probleemoplossend vermogen, waaronder in ieder wordt verstaan gebruikelijke hulp of hulp van andere personen uit het sociale netwerk;
gebruik te maken van een algemene voorziening, of;
door gebruik te maken van een andere voorziening.
**2..** Of sprake is van gebruikelijke hulp wordt beoordeeld aan de hand van de richtlijn ‘Gebruikelijke hulp’ zoals opgenomen in de beleidsregels. De individuele omstandigheden van de jeugdige en/of de ouders kunnen ertoe leiden dat van deze richtlijn moet worden afgeweken.
**3..** Als de aanvraag betrekking heeft op kosten voor jeugdhulp die de jeugdige of ouder voorafgaand aan de aanvraag heeft gemaakt, kan het college hier slechts een voorziening voor verstrekken:
als op het moment van de aanvraag nog steeds sprake is van opgroei- of opvoedingsproblemen, psychische problemen of stoornissen waarvoor de hulp is ingezet, en;
voor zover het college de noodzaak, adequaatheid en geschiktheid van de voorziening en de gemaakte kosten achteraf nog kan beoordelen.
Artikel 3.