**1..** De vervoersvoorzieningen voor maatschappelijke ondersteuning bestaan in ieder geval uit:
**a..** collectief vervoer;
**b..** vervoersvoorziening voor het gebruik van een eigen auto of bruikleenauto;
**c..** vervoersvoorziening voor het gebruik van een taxi;
**d..** vervoersvoorziening voor gebruik van een rolstoeltaxi;
**e..** vervoersvoorziening voor de kosten van aanpassing van de eigen auto;
**f..** vervoersvoorzieningen voor het verplaatsen buitenshuis.
**2..** Aanpassingen aan de eigen auto worden toegekend als de aan te passen auto niet ouder is dan drie jaar, met uitzondering van overzetbare voorzieningen.
**3..** Het collectief vervoer bestaat uit een regiotaxipas waarmee tegen gereduceerd tarief wordt gereisd.
**4..** Bij het collectief vervoer worden kosten in rekening gebracht die gebaseerd zijn op de kosten voor het gebruik van het openbaar vervoer. De kosten worden geïnd door de vervoerder.
**5..** Medische begeleiding in het collectief vervoer is mogelijk als er sprake is van medische technische handelingen bij gedragsproblemen en wanneer eenvoudige algemeen dagelijkse levensverrichtingen tijdens de rit nodig zijn.
**6..** Het college biedt de mogelijkheid voor een sociaal begeleider. Voor de sociaal begeleider van de gebruiker van het collectief vervoer gelden de volgende voorwaarden:
**-.** de sociaal begeleider mag geen Wmo-geïndiceerde zijn;
**-.** de sociaal begeleider dient zelfstandig te kunnen reizen en niet aan een rolstoel of scootmobiel gebonden te zijn;
**-.** er mag maximaal één sociaal begeleider per (enkele) rit meegaan;
**-.** de sociaal begeleider reist vanaf hetzelfde opstapadres naar dezelfde bestemming;
**-.** er mogen maximaal 20 enkele ritten per jaar worden gemaakt;
**-.** de rit van de sociaal begeleider wordt gelijktijdig geboekt met dezelfde reservering als de rit van de Wmo-pashouder.
Artikel 2
Vervoersvoorzieningen voor maatschappelijke ondersteuning
Onderdeel van Regeling maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp Gouda