De commissie vergadert zo dikwijls als de voorzitter of tenminste twee leden dit noodzakelijk achten.
De voorzitter bepaalt dag, uur en plaats van de vergadering. De voorzitter roept de volgende personen schriftelijk tot de vergadering op:
de leden van de commissie;
de sollicitanten naar het ambt van burgemeester, elk voor zover met de betreffende sollicitant een gesprek plaats heeft;
de burgemeester, voor zover met hem een gesprek plaats heeft.
De commissie vergadert slechts als tenminste de helft plus één van het aantal leden aanwezig
is.
De in het tweede lid bedoelde oproeping geschiedt ten minste 24 uur voorafgaand aan devergadering. Indien bijzondere omstandigheden een spoedige bijeenkomst van de commissie vergen kan van de in de eerste volzin van dit lid bedoelde termijn worden afgeweken doch geschiedt de oproeping ten minste twee uren voorafgaand aan de vergadering.