De inkomsten uit commerciële verhuur, zoals bedoeld in artikel 33 lid 4 van de Participatiewet, worden op de uitkering in mindering gebracht onder aftrek van € 70,00 per maand.
De inkomsten van een of meerdere kostganger(s), zoals bedoeld in artikel 33 lid 4 van de Participatiewet, worden op de uitkering in mindering gebracht onder aftrek van € 360,00 per maand. Bij meerdere kostgangers is dit een ander bedrag.
Ten aanzien van lid 1 en 2 moet aan navolgende voorwaarden worden voldaan:
De afspraken over de verhuur van (een deel) van de woning moeten in een huur- of kostgangersovereenkomst staan én;
Belanghebbende toont het bij lid a genoemde aan door navolgende gegevens in te leveren:
een huur- of kostgangersovereenkomst én;
bewijsstukken waaruit blijkt dat de overeengekomen prijswerkelijk wordt betaald én,
aangifte inkomstenbelasting (alleen als belanghebbende deze inkomstenmoet opgeven aan de Belastingdienst).
Het bedrag dat wordt vrijgelaten wordt jaarlijks opnieuw vastgesteld. De grondslag van de berekening vloeit voort uit hoofdstuk 4.9 van de Recofa-richtlijnen VTLB met een afronding van € 5,00 naar boven.
Hoofdstuk 2
Artikel 4.