Naar hoofdinhoud

Artikel 8

Ontstaan van belastingschuld en heffing naar tijdsgelang

Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van hondenbelasting 2018

1.. De Belasting is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. 2.. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, dan wel het aantal honden in de loop van het jaar toeneemt, is de belasting, respectievelijk de hogere belasting ter zake van het aantal toegenomen honden, verschuldigd voor zoveel twaalfde van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar na aanvang van de belastingplicht, respectievelijk de toename van het aantal honden, nog volle kalendermaanden nog overblijven. 3.. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, dan wel het aantal honden in de loop van het jaar vermindert, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht respectievelijk de vermindering van het aantal honden, nog volle kalendermaanden overblijven, tenzij blijkt dat het bedrag van de ontheffing minder bedraagt dan € 5,--. 4.. Belastingbedragen van minder dan € 5,00 worden niet geheven. Voor de toepassing van de vorige volzin wordt het totaal van op een aanslag verschuldigd bedrag hondenbelasting of andere heffingen aangemerkt als belastingbedrag.

Rechtspraak bij dit artikel