Naar hoofdinhoud
1.. De verlaging als bedoeld in artikel 27 van de wet bedraagt 20% van de gehuwdennorm, indien belanghebbende, zelfstandig of met een ten laste komend kind(eren), een woning bewoont waaraan voor de belanghebbende geen woonkosten zijn verbonden. 2.. De verlaging als bedoeld in artikel 27 van de wet bedraagt 10% van de gehuwdennorm, indien belanghebbende, zelfstandig of met een ten laste komend kind(eren), een woning bewoont waaraan voor de belanghebbende geen huur of hypotheek zijn verbonden, maar wel andere woonlasten 3.. De verlaging voor schoolverlaters zoals bedoeld in artikel 28 van de wet bedraagt 10% van de gehuwdennorm gedurende 6 maanden, gerekend vanaf het tijdstip van de beëindiging van de aanspraak op studiefinanciering of tegemoetkoming in de onderwijsbijdrage en de schoolkosten.

Rechtspraak bij dit artikel