De werknemer kan, naast de doelen zoals opgenomen in artikel 3:29 en hoofdstuk 6a van de CAR-NUWO, het IKB ook inzetten voor:
een belastingvrije uitruil vergoeding van woon-werkverkeer die als volgt wordt berekend:
voor de reisafstand wordt uitgegaan van de meest gebruikelijke route via de door de gemeente gebruikte routeplanner;
de vergoeding per kilometer is gelijk aan het vastgestelde fiscale maximum;
het aantal reisdagen bij een vijfdaagse werkweek is vastgesteld op 214 dagen. Hierbij is rekening gehouden met vakantie, ziekte en incidenteel thuiswerken. Bij een werkweek van minder dan vijf dagen wordt het aantal reisdagen naar rato vastgesteld;
bij langdurige afwezigheid (langer dan zes aaneengesloten weken) wordt de vergoeding nog uitbetaald in de lopende en de eerstvolgende kalendermaand. Daarna wordt de reiskostenvergoeding weer hervat vanaf de maand na de maand waarin de werknemer weer gaat werken;
de vergoeding wordt aangepast als de werknemer verhuist of op minder of meer dagen gaat werken;
als de werknemer een reiskostenvergoeding woon-werk ontvangt, dan wordt deze vergoeding in mindering gebracht op het totaal uit te ruilen bedrag;
een belastingvrije uitruil vergoeding voor de betaalde contributie aan een vakbond;
een belastingvrije uitruil algemene werkkostenvergoeding van maximaal € 100 per jaar.
Voor de doelen in dit artikel zijn de bepalingen in de artikelen 3:30 en 3:33 van de CAR-NUWO van overeenkomstige toepassing.