Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 14

Artikel 35

Opheffing

Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Drenthe

1.. De regeling kan slechts worden opgeheven na het vervallen van de verplichting in de Wet veiligheidsregio’s. 2.. De regeling wordt opgeheven wanneer ter vergadering van het algemeen bestuur blijkt dat de colleges van ten minste twee derde van de deelnemende gemeenten tot opheffing hebben besloten. 3.. Ingeval van opheffing van de regeling besluit het algemeen bestuur tot liquidatie en stelt daarvoor de nodige regelen in het liquidatieplan. Hierbij kan van de bepalingen van de regeling worden afgeweken. 4.. Het liquidatieplan wordt door het algemeen bestuur, de colleges en de raden gehoord, vastgesteld. 5.. Het liquidatieplan voorziet in ieder geval in: De verplichting van de deelnemende gemeenten tot deelneming in de financiële gevolgen van de beëindiging van de regeling. De gevolgen die de opheffing heeft voor het personeel. De gevolgen voor de door de veiligheidsregio en haar organen gevormde archieven. 6.. Het dagelijks bestuur is belast met de uitvoering van de liquidatie. 7.. Zo nodig blijven de organen van de veiligheidsregio in functie, ook na het tijdstip van opheffing, totdat de liquidatie is voltooid.

Rechtspraak bij dit artikel