Naar hoofdinhoud
Iedereen wil prettig wonen, winkelen, werken of wandelen. We moeten onze leefomgeving optimaal kunnen gebruiken en het geheel moet duurzaam en veilig zijn. Daarnaast willen we er ook van kunnen genieten. Het oog wil ook wat. Een aantrekkelijke, goed verzorgde omgeving verhoogt bovendien de economische waarde van de gebouwen en versterkt het vestigings- en woonklimaat. De verschijningsvorm van een bouwwerk is geen zaak van de eigenaar alleen: elke voorbijganger wordt ermee geconfronteerd, of hij nu wil of niet. Waar mensen samenleven zijn gezamenlijke afspraken nodig. Met deze nota zijn wij ervan overtuigd dat de kwaliteit van de gebouwde omgeving goed kan worden besproken en beoordeeld. Wettelijk kader Wie in Nederland iets wil (ver)bouwen heeft in veel gevallen een omgevingsvergunning nodig. Bij een aanvraag voor een vergunning wordt onder andere bekeken of de plannen voldoen aan ‘redelijke eisen van welstand’. De wel-standsbeoordeling is volgens artikel 12 van de Woningwet gericht op het uiterlijk en de plaatsing van een bouwwerk, en moet zijn gebaseerd op door de gemeenteraad vastgestelde criteria. Op grond van de Wet algemene bepalingen omgevings-recht (Wabo) en het Besluit omgevingsrecht (Bor) mag het college zelf bepalen of advies wordt ingewonnen van een onafhankelijke commissie of dat toetsing door ambtenaren wordt uitgevoerd. Omgevingswet Op het moment van vaststelling van deze nota is de Omgevingswet in voorbereiding. Waarschijnlijk gaat deze wet in 2019 in werking treden. Deze wetgeving zal regels omvatten over het beschermen en benutten van de fysieke leefomgeving. Het omgevingsplan zal het bestemmingsplan vervangen en gaat meer bevatten dan alleen regels over een goede ruimtelijke ordening. Met het opstellen van deze nota is rekening gehouden met de bedoelingen van de Omgevingswet. De nota vormt een basis voor het omgevingsplan of concreter voor beleidsregels ten aanzien van het uiterlijk van bouwwerken zoals bedoeld in artikel 4.19 van de Omgevingswet. Advisering Het college van burgemeester en wethouders neemt het besluit om een omgevingsvergunning al dan niet te verlenen. Voordat zij een besluit nemen kunnen zij voor het uiterlijk van bouwwerken advies vragen aan de welstandscommissie. Dit zal vooral bij grotere plannen gebeuren. Bepaalde kleine bouwplannen worden ambtelijk beoordeeld (zie hoofdstuk 2). De werkwijze, samenstelling en taakomschrijving van de welstandscommissie is opgenomen in het ‘Reglement van Orde op de Welstandscommissie Heemskerk’, dat door de gemeenteraad separaat is vastgesteld en onderdeel uitmaakt van de gemeentelijke bouwverordening (Bijlage 9 van de bouwverordening). Dialoog en inspiratie Op basis van ervaringen is gebleken dat het bieden van ruimte en het aangaan van de dialoog tot betere resultaten leidt. Veel mensen zijn bereid mee te werken aan het in stand houden of bevorderen van de ruimtelijke kwaliteit van hun omgeving. Wij doen daarom ook beroep op de eigen verantwoordelijkheid van u waar het de eigen omgeving betreft. Deze nota verwoordt niet hoe iets letterlijk moet worden ontworpen, maar waarop bij de beoordeling gelet wordt. In een vooroverleg of openbare vergadering kan een gesprek ontstaan tussen de aanvrager en de welstandscommissie over de essentie van een opgave. De taak van de commissie is dan niet om alleen toetsend maar ook om inspirerend te zijn. Dat betekent ook dat de commissie geïnspireerd kan worden met goede verrassende ontwerpen. Een goed ontwerp is immers niet altijd te vatten in regels maar zal eerder tot stand komen door het dialoog.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel