Als de cliënt kiest voor begeleiding in de vorm van zorg in natura, worden de beoogde resultaten op cliëntniveau gekoppeld aan een profiel. Een profiel kan worden gedefinieerd als een algemeen beschreven soort en hoeveelheid ondersteuning gericht op het halen van specifieke, op cliëntniveau vastgelegde, resultaten.
In de profielen is niet aangegeven welke activiteiten met welke omvang standaard in een profiel zijn opgenomen. In plaats daarvan is er voor gekozen om de activiteiten op individueel cliëntniveau aan te geven. Deze werkwijze doet recht aan de op basis van de wet en jurisprudentie geldende voorwaarde dat altijd individueel maatwerk moet worden geboden.
Er worden 4 typen activiteiten onderscheiden die door de aanbieder moeten worden uitgevoerd om de door cliënt te behalen resultaten te bereiken. De 4 typen activiteiten zijn:
Activiteit
Beschrijving
1 Ondersteunen
Cliënt kan activiteiten en/of handelingen zelf verrichten mits daartoe geïnstrueerd en gesteund (door een hulpverlener).
Hulp op afstand
De ondersteuning vindt plaats vanaf een andere locatie.
Directe aansturing
De ondersteuning vindt plaats in de nabijheid van cliënt.
2 Overnemen
Client kan activiteiten en/of handelingen niet zelf verrichten. De hulpverlener moet deze activiteiten en/of handelingen overnemen
3 Oefenen
Client kan activiteiten en/of handelingen in beginsel zelf verrichten maar heeft hulp nodig bij het oefenen van vaardigheden en/of gedragingen. De hulpverlener instrueert en oefent deze met de cliënt
4 Toezicht houden
Cliënt kan activiteiten en/of handelingen zelf verrichten maar er dient toezicht aanwezig te zijn om zo nodig corrigerend te kunnen optreden. Dit toezicht kan ook gerelateerd zijn aan de veiligheid van cliënt.
Artikel 5.3.1
Werken met profielen (ZIN)
Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Weert 2018