Naar hoofdinhoud
1.. De hoogte van een pgb wordt vastgesteld op basis van een voorziening in natura die gelijkwaardig kan worden geacht aan de ondersteuning zoals bedoeld in artikel 2.3.6, tweede lid onder c, van de wet en waarmee redelijkerwijs is verzekerd dat het pgb toereikend is om veilige, doeltreffende en kwalitatief goede voorzieningen, van derden te betrekken. 2.. De hoogte van het pgb voor rolstoelen, hulpmiddelen en vervoersvoorzieningen bedraagt in ieder geval niet meer dan de huur-, dan wel aanschafprijs van de goedkoopst passende bijdrage, waaronder gerekend onderhoud, reparatie en verzekering zoals die door het college aan de aanbieder verschuldigd is. 3.. Bij de vaststelling van de hoogte van het pgb kan het college rekening houden met de (extra) kosten van de WA-verzekering bij vervoersvoorzieningen. 4.. De hoogte van het pgb voor een woonvoorziening wordt afgestemd op: de aanneemsom (hierin begrepen de loon- en materiaalkosten) voor het treffen van de woonvoorziening. Indien de woningaanpassing in zelfwerkzaamheid wordt getroffen vervallen de loonkosten; het architectenhonorarium, indien dit noodzakelijk is, tot ten hoogste 10% van de aanneemsom met dien verstande dat dit niet hoger is dan het maximale honorarium als bepaald voor de leden van NLingenieurs en BNA in DNR 2011; de kosten voor het toezicht op de uitvoering indien dit noodzakelijk is, tot een maximum van 2% van de aanneemsom; de leges voor de bouwvergunning, voor zover de bouwvergunning betrekking heeft op het treffen van de woningaanpassing; de door college schriftelijk goedgekeurde kostenverhoging, die ten tijde van de raming van de kosten redelijkerwijs niet voorzien had kunnen zijn. 5.. Voor de verstrekking van een pgb voor een woonvoorziening gelden de volgende voorwaarden: met de werkzaamheden waarop de maatwerkvoorziening betrekking heeft, mag geen aanvang worden gemaakt voordat het college positief heeft beslist op de aanvraag; het college heeft desgevraagd op één of meer door het college te bepalen tijdstippen toegang tot de woning of het gedeelte van de woning waar de aanpassing wordt aangebracht; de cliënt verstrekt desgevraagd inzage in de bescheiden en tekeningen die betrekking hebben op de woningaanpassing; aan het college wordt desgevraagd de gelegenheid geboden tot het controleren van de gerealiseerde woonvoorziening. 6.. Het college kan het pgb in gedeelten (laten) uitbetalen. 7.. De cliënt aan wie een pgb is verstrekt voor het realiseren van een woonvoorziening aan de woning is verplicht zorg te dragen voor een opstalverzekering die in voldoende mate de te verzekeren waarde van de woning dan wel de getroffen woonvoorziening dekt voor het risico van schade. 8. . De hoogte van een PGB beschermd wonen wordt gebaseerd op de kostprijs van de goedkoopst adequate voorziening natura. In bijlage 1 van deze verordening worden de tarieven uitgewerkt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel