**1..** Indien het niet of niet tijdig nakomen van een inlichtingenverplichting als bedoeld in categorie 3 niet heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van de inkomensvoorziening geeft het college een schriftelijke waarschuwing ter zake van het niet tijdig nakomen van de verplichting. Een verlaging wordt wel opgelegd indien het niet of niet tijdig nakomen van die verplichting plaatsvindt binnen een periode van één jaar nadat een eerdere waarschuwing is gegeven.
**2..** Onverminderd artikel 41, tweede lid van de wet, ziet het college af van het opleggen van een maatregel indien:
de gedraging meer dan één jaar vóór constatering van die gedraging door het college heeft plaatsgevonden, tenzij de gedraging een schending van de inlichtingenplicht inhoudt en als gevolg van die gedraging ten onrechte inkomensvoorziening is verleend.
de schending van de inlichtingenplicht na verloop van één jaar nadat de betreffende gedraging is geconstateerd;
het college dringende redenen aanwezig acht.
**3..** Indien het college afziet van het opleggen van een maatregel op grond van dringende redenen, wordt de jongere daarvan schriftelijk mededeling gedaan.
**4..** Het tweede lid onderdeel a en b zijn niet van toepassing indien aangifte gedaan is bij het OM en het OM de zaak teruggeeft aan de gemeente of indien de gemeente de zaak bij het OM heeft teruggehaald omdat de vordering herzien wordt en minder bedraagt dan de aangiftegrens zoals bedoeld in de Aanwijzing sociale zekerheidsfraude.
Paragraaf 2
Artikel 9
Afzien van het opleggen van een maatregel
Onderdeel van Afstemmingsverordening Wet investeren in jongeren