Naar hoofdinhoud
Het verantwoordelijke bestuursorgaan besluit bij iedere participatie expliciet over de in het eerste lid van dit artikel genoemde punten: Met speelruimte wordt bedoeld: wat ligt al vast, wat nog niet? Welk doel wordt met de participatie nagestreefd? Het kan bijvoorbeeld gaan om: * het aanboren van creativiteit uit de stad; * het inventariseren van wensen; * het inventariseren van draagvlak; * het bereiken van consensus; * de invulling van beleid; * het aandragen van alternatieven; * het stimuleren van mede-uitvoeren van beleid, etc.; Op welke schaal speelt de participatie zich af: buurt, wijk, stadsdeel of stedelijk niveau? Wie zijn gerechtigd aan de participatie deel te nemen? Wat is de status van de inbreng van de deelnemers? Deze moet aangegeven worden aan de hand van de participatieniveaus. Volgens de visie zijn vijf niveaus te onderscheiden, waarbij wordt opgemerkt dat niveau 1 volgens deze verordening geen participatie is, omdat er geen sprake is van interactie. Volledigheidshalve worden alle niveaus vermeld. 1.Informeren Politiek en bestuur bepalen zelf in hoge mate de agenda voor besluitvorming en houden de betrokkenen hiervan op de hoogte. Zij maken geen gebruik van de mogelijkheid om betrokkenen daadwerkelijk input te laten leveren bij de beleidsontwikkeling. Dit is dus geen vorm van interactief beleid, er is hier geen ruimte voor participatie door de burger. Bijvoorbeeld onderwerpen waar de burger nauwelijks tot geen invloed op kan uitoefenen, omdat de beïnvloedingsruimte te beperkt is. Te denken valt aan de uitvoering van landelijke wetgeving en vraagstukken die zo complex of abstract zijn dat er eerst bestuurlijke keuzes gemaakt moeten worden. 2.Raadplegen Politiek en bestuur bepalen in hoge mate zelf de agenda, maar zien betrokkenen als gesprekspartner bij de ontwikkeling van beleid. Het proces richt zich op het inventariseren van ervaringen, meningen en nieuwe ideeën. Belangrijk is dat zo inzicht verkregen wordt in de wereld van de betrokkenen. De politiek verbindt zich niet aan de resultaten die uit de gesprekken voortkomen. Bijvoorbeeld Bouwen aan Zoetermeer. 3.Laten adviseren Politiek en bestuur stellen in beginsel de agenda samen, maar geven betrokkenen gelegenheid om problemen aan te dragen en oplossingen te formuleren, waarbij deze ideeën een volwaardige rol spelen in de ontwikkeling van het beleid. De politiek probeert zich zoveel mogelijk te verbinden aan de resultaten, maar kan bij de uiteindelijke besluitvorming hiervan (beargumenteerd) afwijken. Bijvoorbeeld het Zorghart. 4.Samenwerken Het bestuur en de burger werken samen aan de ontwikkeling van beleid, of oplossingen. Het initiatief kan bij samenwerken zowel bij de burger als het bestuur liggen. De kaders worden van tevoren gesteld door het bestuur en daarbinnen wordt ruimte gecreëerd voor het uitwisselen van ideeën. De politiek verbindt zich aan deze oplossingen met betrekking tot de uiteindelijke besluitvorming, na toetsing aan vooraf gestelde randvoorwaarden. Bijvoorbeeld Wijk Actieplannen: Samen met de inwoners van de wijk een plan maken over de aanpak van de leefbaarheid en veiligheid in eigen wijk. 5.Meebeslissen Op initiatief van het bestuur kan te vormen beleid geheel of gedeeltelijk uit handen geven. Dit biedt de burgers de mogelijkheid om, weer binnen vastgestelde kaders, zelfstandig beleid te ontwikkelen c.q. uit te voeren, waarbij het ambtelijk apparaat een adviserende rol vervult. De politiek neemt de resultaten over. Resultaten uit het proces hebben spontaan bindende werking. Bijvoorbeeld adoptiegroen in de buurt: meebeslissen is vooral geschikt op buurtniveau en bij de uitvoering van beleid. f.Hoe wordt het participatieproces ingericht? Start, doorlooptijd, wijze van aanpak en de wijze waarop en het tijdstip waarop de deelnemers worden geïnformeerd over het verloop van de procedure en de uitkomsten van de participatie. Daarnaast wanneer de deelnemers worden geïnformeerd over de uiteindelijke bestuurlijke besluitvorming. In het tweede lid staat dat het voornemen om participatie te houden op gepaste wijze bekend wordt gemaakt. Wat "gepast" is, is afhankelijk van de reikwijdte van de participatie. De wijze van bekendmaking kan variëren van publicatie op de website, in een krant, een huis-aan-huisblad of bijvoorbeeld een persoonlijke brief.

Rechtspraak bij dit artikel