**1..** Het college verzamelt alle voor het onderzoek, bedoeld in artikel 2.3.2, eerste lid van de wet, van belang zijnde en toegankelijke gegevens over de persoon en zijn situatie en maakt zo spoedig mogelijk met hem een afspraak voor een gesprek.
**2..** De persoon dan wel diens vertegenwoordiger verschaft het college de gegevens en bescheiden die voor het onderzoek als bedoeld in artikel 6 nodig zijn en waarover hij redelijkerwijs de beschikking kan krijgen.
**3..** Bij het onderzoek als bedoeld in artikel 6 stelt het college de identiteit van de persoon vast aan de hand van een document als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht.
**4..** Indien de gegevens van de persoon en zijn situatie reeds voldoende bekend is, kan het college in overeenstemming met de persoon afzien van een vooronderzoek als bedoeld in het eerste, tweede en derde lid.
HOOFDSTUK 2.
Artikel 5.