Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Vrijstellingen

Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van leges 2018

Leges worden niet geheven voor: diensten waarvan de kosten krachtens afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening (grondexploitatie) zijn of worden verhaald; diensten die ingevolge wettelijk voorschrift zijn vrijgesteld van rechtenheffing of kosteloos moeten worden verleend; het in behandeling nemen van een aanvraag als bedoeld in titel 3, hoofdstuk 2 van de bij deze verordening behorende tarieventabel, indien deze aanvraag een vergunning betreft voor een algemeen nut beogende instelling of een (plaatselijke) sociaal belang behartigende instelling die zich blijkens haar statuten de uitoefening ten doel stelt van activiteiten van maatschappelijke, sociale of culturele aard en waarbij de activiteiten in hoofdzaak worden verricht door vrijwilligers; het in behandeling nemen van aanvragen voor vergunningen ten behoeve van landelijke instellingen die voorkomen op het collecterooster, dat jaarlijks door het Centraal Bureau Fondsenwerving (CBF) wordt vastgesteld; diensten met betrekking tot een aanvraag tot verlening van een vergunning of ontheffing voor het plaatsen van een mobiele onderzoeksunit die wordt gebruikt voor het doen van bevolkingsonderzoek als bedoeld in artikel 1, onder c, van de Wet op het bevolkingsonderzoek, voor welk onderzoek op grond van die wet vergunning is verleend.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel