**1..** Het is verboden vanaf een nieuw bouwwerk of een nieuw verhard oppervlak hemelwater te lozen op de riolering of openbaar terrein;
**2..** De eigenaar van een perceel heeft de verplichting het hemelwater op eigen terrein te verwerken en heeft daarbij vrije keuze tussen de toe te passen voorzieningen waarbij het volgende geldt:
De minimale te realiseren hemelwatervoorziening moet 60 mm (per m2 verhard oppervlak) kunnen verwerken;
In de binnenstad is de vereiste hemelwatervoorziening 30 mm (per m2 verhard oppervlak); zie de kaart in de toelichting;
Voor het oppervlak aan groen dak ( in m2) wordt geen (aanvullende) hemelwatervoorziening vereist.
**3..** Bij elke activiteit geldt dat de reeds aanwezige totale hoeveelheid (hemel)waterberging niet af mag nemen.
**4..** De voorzieningen als bedoeld in lid 2 dienen uiterlijk 10 weken na het gereedkomen van het nieuw bouwwerk of aanleg van het nieuw verhard oppervlak gerealiseerd te zijn en moeten blijvend in stand gehouden worden.
**5..** De beheerder kan ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in het eerste lid, indien van de eigenaar van het nieuw bouwwerk of het nieuw verhard oppervlak redelijkerwijs een te grote inspanning wordt geëist in verhouding tot het doel van het verbod.
**6..** De aanvraag om een ontheffing als bedoeld in het vijfde lid wordt tegelijk met de aanvraag voor een omgevingsvergunning bouwen of omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, ingediend.
HOOFDSTUK 2.
Artikel 3
Verbod op lozen van hemelwater op de riolering
Onderdeel van Verordening hemelwater en grondwater ’s-Hertogenbosch 2017