**1..** De houder draagt zorg voor de berekening van het subsidiebedrag per kind per uur volgens de bepalingen in artikel 4. Deze berekening baseert de houder op:
De laatst beschikbare inkomensverklaring van de ouder(s) en partner;
Het contract tussen de houder en de ouder(s) waarin in ieder geval de volgende gegevens zijn opgenomen:
een klantnummer;
een verklaring van de ouders:
dat zij geen recht hebben op kinderopvangtoeslag;
dat zij geen recht hebben op vergoeding van de kosten op basis van de verordening Wet Kinderopvang (sociaal medische indicatie);
dat zij direct bij de houder melden als zij wel recht krijgen op kinderopvangtoeslag of vergoeding op basis van de verordening Wet Kinderopvang;
dat hun kind peuterspeelwerk volgt bij één kindercentrum;
dat zij akkoord gaan met inzage in en verstrekking van documenten en gegevens genoemd in dit artikel aan de gemeente t.b.v. de subsidieverstrekking;
naam- en adresgegevens van ouders en kind
geboortedatum van het kind
het aantal uren peuterspeelwerk per week
het voor de opvang geldende uurtarief
de startdatum van het peuterspeelwerk per kind
**2..** De houder kan het subsidiebedrag per uur her berekenen als er sprake is van een dusdanige verlaging van het inkomen dat ouders in een lagere inkomenscategorie vallen. Ouders dienen dit aan te tonen met recente loongegevens.
**3..** De houder neemt de datum waarop ouders recht krijgen op kinderopvangtoeslag als einddatum voor gemeentelijke subsidie op in het eerstvolgende kwartaaloverzicht, zoals bedoeld in artikel 6.
**4..** De houder brengt bij de ouder(s) zonder recht op kinderopvangtoeslag maximaal de ouderbijdrage in rekening;
**5..** De houder bewaart alle documenten en gegevens die dienen voor berekening of herberekening van de subsidie in zijn administratie;
Artikel 5.