Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1:1

Begripsomschrijvingen

Onderdeel van Algemene verordening financieel beheer en beleid gemeente Den Haag 2017

In deze verordening wordt verstaan onder: -accountant: degene die door de raad is aangewezen voor de controle op de jaarrekening; -administratieve organisatie: de personen, instrumenten en procedures die binnen de gemeente Den Haag het systematisch verzamelen, vastleggen, verwerken en verstrekken van juiste, volledige, tijdige en betrouwbare informatie mogelijk maken ten behoeve van het besturen en doen functioneren van deze organisatie en ten behoeve van de verantwoording die daarover moet worden afgelegd; -BBV: Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten, inhoudende de voorschriften voor de begrotings- en verantwoordingsdocumenten, uitvoeringsinformatie en informatie voor derden van provincies en gemeenten; -bedrijfsvoering: alle activiteiten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van het primair proces (ook wel overhead genoemd); -begrotingscyclus: de cyclus van één jaar waarin de voorjaarsnota, de begroting, het halfjaarbericht en de jaarstukken worden behandeld; -beheer van vermogenswaarden: het uitoefenen van bestuur over en toezicht op het beheer van middelen en rechten van de gemeente Den Haag; -doelmatigheid: de mate waarin een maximale hoeveelheid producten en prestaties is gerealiseerd met een minimale hoeveelheid middelen of een hogere kwaliteit wordt bereikt bij een gelijkblijvende hoeveelheid middelen; -doeltreffendheid: de mate waarin de geleverde producten en prestaties bijdragen aan het realiseren van de gestelde (beleids)doelen; -financiële administratie: het onderdeel van de administratieve organisatie waarmee gekomen wordt tot een goed inzicht in de financieel-economische positie, het beheer van vermogenswaarden, de uitvoering van de begroting, het afwikkelen van vorderingen en schulden, alsmede tot het afleggen van rekening en verantwoording daarover; -financieel beleid: het geheel van maatregelen om doelstellingen van de gemeente binnen de financiële kaders te realiseren; -halfjaarbericht: de rapportage over de voortgang van de begrotingsuitvoering; -hard close: een tussentijdse afsluiting van de boekhouding met als doel het bijwerken van de administraties van de gemeente; -indicatoren: de absolute of verhoudingsgetallen die informatie geven over de ontwikkelingen in de output en/of effecten van een programma of activiteit. Onderscheiden worden door de gemeente vastgestelde prestatie-indicatoren, effectindicatoren en kengetallen, en vanuit het Rijk voorgeschreven beleidsindicatoren; -overlopende activa: de vooruitbetaalde kosten/nog te ontvangen bedragen; -overlopende passiva: de vooruitontvangen bedragen/nog te betalen kosten; -overzicht overhead: hoofdstuk waarop alle lasten en baten, inclusief dotaties en onttrekkingen aan reserves (zowel materiële als personele lasten en baten) zijn weergegeven die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces (de categorieën medewerkers behorend tot de overhead worden van Rijkswege voorgeschreven); -planning en control: het proces binnen de kaders van het financieel beleid waarbij aansturing van de organisatie plaatsvindt door het formuleren van doelen, het aangeven van termijnen, het beschikbaar stellen van middelen, het aanwijzen van verantwoordelijken, het volgen van de uitvoering, het normeren van gewenste effecten, het meten van resultaten en het informeren van alle betrokkenen; -PPS: Publiek Private Samenwerking, samenwerkingsconstructie waarbij in ieder geval de gemeente en een marktpartij is betrokken; -primair proces: alle activiteiten die direct gerelateerd zijn aan het opstellen en uitvoeren van beleid met een uitwerking naar buiten de ambtelijke organisatie van de gemeente (het betreft de medewerkers die niet behoren tot de categorieën medewerkers die onderdeel uitmaken van het overzicht overhead); -product: het resultaat van een samenhangend handelen, meetbaar gemaakt in tijd, geld en kwaliteit; producten tellen op tot programma’s en taakvelden; -programma: een aantal samenhangende producten voorzien van ten minste inhoudelijke doelstellingen, (top-)indicatoren en een budget; voor ieder programma wordt bij de begroting omschreven wat er bereikt gaat worden, wat daarvoor gedaan gaat worden en wat de omvang is van de directe lasten en baten, inclusief dotaties en onttrekkingen aan reserves (het gaat hierbij om de materiële en personele lasten en baten primair proces, dus exclusief overhead); -programmabegroting: de begroting, bestaande uit de beleidsbegroting en financiële begroting zoals bedoeld in artikel 7, BBV. -programmarekening: de jaarstukken, bestaande uit het jaarverslag en de jaarrekening, zoals bedoeld in artikel 24, BBV. -taakveld: een voorgeschreven eenheid waarin de begroting wordt onderverdeeld en de bijbehorende baten en lasten, en dotaties en onttrekkingen van de reserves toegerekend, ten behoeve van vergelijkbaarheid tussen gemeenten en de informatiebehoefte van derden (CBS, Rijk); -treasuryfunctie: de treasuryfunctie omvat alle activiteiten die zich richten op het sturen, beheersen en verantwoorden van de financiële vermogenswaarden, de financiële geldstromen, de financiële posities en de hieraan verbonden risico’s; -wet Fido: Wet financiering decentrale overheden, inhoudende nieuwe bepalingen inzake het financieringsbeleid van openbare lichamen, waarin opgenomen de verwijzing naar de ministeriële Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden (Ruddo).

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel