**1.** De raad kan bij de behandeling van een onderwerp op voorstel van de
voorzitter of een lid van de raad besluiten over één of meer
onderdelen van een onderwerp of voorstel afzonderlijk te
beraadslagen.
**2.** Op verzoek van een lid van de raad of op voorstel van de voorzitter
kan de raad besluiten de beraadslagingen voor een door hem te
bepalen tijd te schorsen teneinde de leden de gelegenheid te geven
tot onderling nader beraad. De beraadslagingen worden hervat nadat
de schorsingsperiode verstreken is.
**3.** Indien de voorzitter heeft voorgesteld dat een persoon, die bij het
agendapunt spreekrecht zijn mening over een te behandelen onderwerp
naar voren heeft gebracht, aan de beraadslagingen moet kunnen
deelnemen, beslist de raad voordat de beraadslaging over dat
onderwerp begint. De artikelen 23 en 24 zijn van overeenkomstige
toepassing.
**4.** Een wethouder krijgt na de eerste termijn én na de tweede termijn
van het debat gelegenheid te reageren op wat in het debat naar voren
is gebracht.
Hoofdstuk › Paragraaf 1
Artikel 26
Beraadslaging
Onderdeel van Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad