Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 1:

Artikel 4

De aanwijzing tot beschermd gemeentelijk monument

Onderdeel van Erfgoedverordening gemeente Wijk bij Duurstede 2010

1. Het college kan, al dan niet op aanvraag van een belanghebbende (art 1:2 Awb), een onroerend monument aanwijzen als beschermd gemeentelijk monument. 2. Voordat het college over de aanwijzing een besluit neemt, vraagt het advies aan de monumentencommissie. In spoedeisende gevallen (wanneer dreiging van sloop van een te beschermen object zich zou voordoen) kan het vragen van dit advies achterwege blijven. 3. Het college kan ten behoeve van de aanwijzing van een onroerend monument als beschermd gemeentelijk monument bepalen dat bouwhistorisch onderzoek wordt verricht. 4. Het college legt de raad eenmaal per jaar een verslag voor waarin zij uiteenzet op welke wijze zij toepassing heeft gegeven aan de aanwijzingen, alsook de wijzigingen en intrekkingen van een gemeentelijk monument. 5. Voordat het college een kerkelijk monument aanwijst, voert het overleg met de eigenaar. 6. Met ingang van de datum waarop de eigenaar van een monument de kennisgeving van het voornemen tot aanwijzing als beschermd gemeentelijk monument ontvangt tot het moment dat de registratie als bedoeld in artikel 7 plaatsvindt, dan wel vaststaat dat het monument niet wordt geregistreerd, zijn de artikelen 10 tot en met 15 van overeenkomstige toepassing. 7. De aanwijzing kan geen monument betreffen dat is aangewezen op grond van artikel 3 van de Monumentenwet 1988.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel