Bij het onderzoek ter voorbereiding van de afgifte van een woonverklaring worden de politiegegevens over de volgende gedragingen betrokken:
het veroorzaken van overlast die hinderlijk of schadelijk is voor personen of een gevaar oplevert voor de gezondheid van personen door:
geluid of trillingen;
het plaatsen, werpen of hebben van stoffen of voorwerpen;
het verrichten van handelingen waardoor op voor de omgeving hinderlijke of schadelijke wijze rook, roet, walm, stof, stank of irriterend materiaal wordt verspreid;
vervuiling, verontreiniging of schadelijk of hinderlijk gedierte in de woning of de directe omgeving ervan;
onrechtmatig gebruik van een woning;
gebruik van beledigende of discriminerende taal of uitingen jegens of intimidatie van omwonenden of bezoekers;
gewelddadigheden of openlijke geweldpleging tegen, dan wel bedreiging of mishandeling van omwonenden of bezoekers;
activiteiten die strafbaar zijn gesteld op grond van de Opiumwet in of in de omgeving van de woning;
openbare dronkenschap in de omgeving van de woning;
het plegen van vermogensdelicten met een directe relatie tot de woonomgeving;
brandstichting, vernieling en vandalisme in de omgeving van de woning;
radicaliserende, extremistische of terroristische gedragingen die strafbaar zijn gesteld op grond van het Wetboek van Strafrecht.
Hoofdstuk 2.
Artikel 6.