Het is verboden op de begraafplaatsen:
zich op hinderlijke of aanstootgevende wijze te gedragen;
zich te bevinden in kennelijke staat van dronkenschap of onder invloed van drugs;
te colporteren of goederen voor verkoop aan te bieden;
op enige wijze reclame te maken voor handel of bedrijf;
op de graven te lopen of de begraafplaatsen te verontreinigen;
de graven, de gedenktekens, de beplanting, de gebouwen en de paden te bekladden, te beschadigen of op enigerlei andere wijze te verontreinigen;
dieren mee te voeren, met uitzondering van een hond ter begeleiding van een blinde;
dieren te begraven;
te gaan zitten anders dan op de daartoe aangebrachte zitplaatsen;
zich toegang tot de begraafplaatsen te verschaffen anders dan via de daarvoor bestemde ingangen;
iets te doen of na te laten dat in strijd is met de eerbied van de nagedachtenis van de overledene;
Het is verboden op de begraafplaatsen:
rij- of voertuigen, met uitzondering van gehandicaptenvoertuigen, mee te nemen, anders dan ter gelegenheid van een begrafenis of tot het vervoeren van materialen bestemd voor op de begraafplaatsen te verrichten werkzaamheden;
met (motor-)voertuigen sneller dan 10 km per uur te rijden.
Het college kan ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in de aanhef en onder a van het tweede lid.
Artikel 8 Verboden