Behoudens voor de op grond van functie aangewezen bedrijfshulpverlener vindt
intrekking van de aanstelling plaats:
op schriftelijk verzoek van de bedrijfshulpverlener;
indien de bedrijfshulpverlener niet meer in het bezit is van een
geldig BHV-diploma, als bedoeld in artikel 3, tweede lid;
indien het college van burgemeester en wethouders – na advies van de
coördinator bedrijfshulpverlening - de bedrijfshulpverlener niet
meer in staat acht op goede adequate wijze zijn taak uit te
voeren;
als de bedrijfshulpverlener in zijn ambtelijke functie wordt
geschorst of ontslagen.
Vergoeding