Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 5

Onderzoek

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Bronckhorst

Het college onderzoekt de melding in een gesprek met de cliënt door of namens wie de melding is gedaan, dan wel diens vertegenwoordiger en waar mogelijk met de mantelzorger(s) en desgewenst familie of andere personen. In dit gesprek wordt onderzocht: a. de behoeften, persoonskenmerken en voorkeuren van de cliënt; b. het door de cliënt gewenste resultaat van het verzoek om ondersteuning; c. de mogelijkheden van de cliënt om op eigen kracht of met gebruikelijke hulp of algemeen gebruikelijke voorzieningen zijn zelfredzaamheid of zijn participatie te handhaven of te verbeteren of te voorzien in zijn behoefte aan beschermd wonen of opvang; d. de mogelijkheden om met mantelzorg of hulp van andere personen uit zijn sociale netwerk te komen tot verbetering van zijn zelfredzaamheid en zijn participatie, of te voorzien in zijn behoefte aan beschermd wonen of opvang; e. de behoefte aan maatregelen ter ondersteuning van de mantelzorger(s) van de cliënt; f. de mogelijkheden van de cliënt om met gebruikmaking van een algemeen gebruikelijke voorziening, van een algemene voorziening, zoals opgenomen in het beleidsplan, bedoeld in artikel 2.1.2 van de wet, of door het verrichten van maatschappelijk nuttige activiteiten, te komen tot een situatie waarin de cliënt in staat wordt gesteld tot zelfredzaamheid of participatie en zo lang mogelijk in de eigen leefomgeving kan blijven of te voorzien in zijn behoefte aan beschermd wonen of opvang; g. de mogelijkheden om door middel van samenwerking met zorgverzekeraars en zorgaanbieders als bedoeld in de Zorgverzekeringswet en andere partijen op het gebied van publieke gezondheid, jeugdhulp, onderwijs, welzijn, wonen, werk en inkomen, te komen tot een zo goed mogelijk afgestemde dienstverlening aan de cliënt met het oog op de behoefte aan verbetering van zijn zelfredzaamheid of zijn participatie of opvang; h. de mogelijkheid om een maatwerkvoorziening te verstrekken; i. welke bijdragen in de kosten de cliënt met toepassing van het bepaalde bij of krachtens artikel 2.1.4 van de wet verschuldigd zal zijn, en j. de mogelijkheden om te kiezen voor de verstrekking van een persoonsgebonden budget, waarbij de cliënt in begrijpelijke bewoordingen wordt ingelicht over de gevolgen van die keuze. Als de cliënt een persoonlijk plan als bedoeld in artikel 4 van deze verordening aan het college heeft overhandigd, betrekt het college dat plan bij het onderzoek. Het college informeert de cliënt over de gang van zaken bij het gesprek, diens rechten en plichten en de vervolgprocedure. Als de hulpvraag genoegzaam bekend is, kan het college onverminderd het bepaalde in artikel 2.3.2 van de wet, in overleg met de cliënt afzien van een gesprek.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel