Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Maatstaf van heffing en belastingtarief

Onderdeel van Verordening afvalstoffenheffing 2018

4.1. De belasting bedraagt per perceel per belastingjaar: 4.1.1. indien dat perceel op 1 januari van het belastingjaar of, indien de belastingplicht aanvangt in de loop van het belastingjaar bij aanvang van de belastingplicht, wordt gebruikt door één persoon € 228,00; 4.1.2. indien dat perceel op 1 januari van het belastingjaar of, indien de belastingplicht aanvangt in de loop van het belastingjaar bij aanvang van de belastingplicht, wordt gebruikt door twee of drie personen € 267,00; 4.1.3. indien dat perceel op 1 januari van het belastingjaar of, indien de belastingplicht aanvangt in de loop van het belastingjaar bij aanvang van de belastingplicht, wordt gebruikt door meer dan drie personen € 289,00; 4.1.4. indien dat perceel op 1 januari van het belastingjaar of, indien de belastingplicht aanvangt in de loop van het belastingjaar bij aanvang van de belastingplicht een recreatiewoning of een tweede woning is waar huishoudelijk afval wordt opgehaald en de gebruiker(s) niet op het perceel staat ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie is het tarief genoemd onder 4.1.1. van toepassing; 4.1.5. de belasting als bedoeld in onderdeel 4.1.1, 4.1.2, 4.1.3 en 4.1.4 wordt vermeerderd voor het op 1 januari van het belastingjaar of, indien de belastingplicht later aanvangt, bij aanvang van de belastingplicht, in bruikleen hebben van iedere (boven hetgeen volgens de regionale afvalstoffenverordening 2010 Milieudienst Kop van Noord-Holland aan het perceel is verstrekt) inzamelmiddel met € 140,00. De genoemde bedragen zijn inclusief omzetbelasting indien deze verschuldigd is.

Rechtspraak bij dit artikel