1.Het college kan, al dan niet op verzoek van belanghebbenden, besluiten zaken aan te wijzen als beschermde beeldbepalende zaak.
2. a. Voordat het college over de aanwijzing een besluit neemt vraagt het advies aan de ruimtelijke kwaliteitscommissie en aan degenen die in de kadastrale registratie als eigenaar en beperkt gerechtigde staan vermeld, de hypothecaire schuldeisers en, indien om de aanwijzing is verzocht, de verzoeker. In spoedeisende gevallen kan dit advies achterwege blijven.
Met ingang van de datum waarop de eigenaar van een beeldbepalende zaak de kennisgeving van het voornemen tot aanwijzing als beschermde beeldbepalende zaak ontvangt tot het moment dat de registratie als bedoeld in artikel 6 lid 1 plaatsheeft of vaststaat dat het object niet wordt aangewezen is artikel 23 van overeenkomstige toepassing.
Alvorens het college een kerkelijke beeldbepalende zaak aanwijzen, horen zij de eigenaar.
Beschermde beeldbepalende zaken, die zijn ingeschreven in het register als bedoeld in artikel 6 van de Monumentenwet of die zijn geregistreerd op een lijst van monumenten, op grond van een Monumentenverordening van de provincie Noord-Brabant of de Monumentenverordening 2005 worden door het college niet op de in dit artikel bedoelde lijst geplaatst.
Aanwijzing- en registratieprocedure