1.Burgemeester en wethouders verstrekken aan de in het register
ingeschreven woningzoekenden een bewijs van inschrijving, waarop de
volgende gegevens worden vermeld:
naam, adres en woonplaats van de aanvrager;
samenstelling huishouden (aantal personen);
inkomensgegevens van het huishouden;
soort woning (huidige en gewenste);
huidige en gewenste huurprijs;
datum inschrijving.
Het bewijs van inschrijving blijft, behoudens het in het derde en vierde lid
gestelde, 1. jaar geldig.
3.De inschrijving in het register van woningzoekenden kan éénmaal met een
periode van 1. jaar verlengd worden, indien de woningzoekende uiterlijk
binnen 1. maand vóór het eindigen van de in het vorige lid bedoelde termijn
daarom schriftelijk heeft verzocht.
Burgemeester en wethouders halen een inschrijving door, indien:
de woningzoekende is verhuisd;
de woningzoekende niet meer aan de vereisten voor inschrijving voldoet;
de woningzoekende daarom verzoekt;
inschrijvingstermijn als bedoeld in lid 2 of 3 van dit artikel, is verstreken;
de inschrijving is gedaan op grond van door de woningzoekende verstrekte
gegevens waarvan deze wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat zij
onjuist of onvolledig waren.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.2
Artikel 2.2.3
Bewijs van inschrijving
Onderdeel van Verordening houdende regels omtrent de verdeling van woonruimte en de wijziging van de samenstelling van de woonruimtevoorraad