Naar hoofdinhoud

Artikel 3.

Criteria Individuele voorziening

Onderdeel van Verordening Hart voor de Jeugd Ooststellingwerf 2018

1.. Jeugdigen en ouders komen slechts in aanmerking voor een individuele voorziening voor zover zij geen oplossing kunnen vinden voor de hulpvraag: binnen hun eigen mogelijkheden en probleemoplossend vermogen, waaronder in ieder wordt verstaan gebruikelijke hulp of hulp van andere personen uit het sociale netwerk; gebruik te maken van een algemene voorziening, of; door gebruik te maken van een andere voorziening. 2.. Of sprake is van gebruikelijke hulp wordt beoordeeld aan de hand van de richtlijn ‘Gebruikelijke hulp’ zoals opgenomen in de beleidsregels. De individuele omstandigheden van de jeugdige en/of de ouders kunnen ertoe leiden dat van deze richtlijn moet worden afgeweken. 3.. Als de aanvraag betrekking heeft op kosten voor jeugdhulp die de jeugdige of ouder voorafgaand aan de aanvraag heeft gemaakt, kan het college hier slechts een voorziening voor verstrekken: als op het moment van de aanvraag nog steeds sprake is van opgroei- of opvoedingsproblemen, psychische problemen of stoornissen waarvoor de hulp is ingezet, en; voor zover het college de noodzaak, adequaatheid en geschiktheid van de voorziening en de gemaakte kosten achteraf nog kan beoordelen.

Rechtspraak bij dit artikel