**1..** Onverminderd de artikelen 4:25, tweede lid,en 4:35, van de Algemene wet bestuursrecht, weigert het college de samenwerkingssubsidie in ieder geval als de aanvraag niet ziet op activiteiten als bedoeld in artikel 15, dan wel voor zover de aanvraag betrekking heeft op niet voor subsidie in aanmerking komende kosten als bedoeld in artikel 19.
**2..** Onverminderd de artikelen 4:25, tweede lid, en 4:35, van de Algemene wet bestuursrecht, weigert het college de samenwerkingssubsidie voorts in ieder geval als de subsidieverstrekking aangemerkt dient te worden als een steunmaatregel die onverenigbaar is met de interne markt, als bedoeld in artikel 107, eerste lid, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie.
**3..** Onverminderd de artikelen 4:25, tweede lid, en 4:35, van de Algemene wet bestuursrecht, weigert het college de samenwerkingssubsidie verder in ieder geval als de subsidieverstrekking in strijd zou zijn met een Europees steunkader omdat:
subsidie verstrekt zou worden aan een aanvrager en/of ten behoeve van een of meer deelnemers die een onderneming drijft die in moeilijkheden verkeert als bedoeld in het desbetreffende steunkader, of
de subsidie geen stimulerend effect heeft als bedoeld in het desbetreffende steunkader.
**4..** Onverminderd de vorige leden kan het college de samenwerkingssubsidie verder in ieder geval weigeren indien:
de aanvraag en/of andere deelnemers geen activiteiten uitvoeren in de gemeente Landgraaf;
de aanvraag wordt ingediend buiten het in artikel 18, eerste lid, opgenomen tijdvak;
het project in strijd is met de wet, de openbare orde of de goede zeden;
voor het project of een vergelijkbaar project reeds subsidie is verleend of anderszins van overheidswege is bijgedragen aan het project;
voor het project subsidie kan worden verleend op een andere grondslag;
het project onvoldoende is gericht op samenwerking binnen het sociaal domein;
het project niet of niet in overwegende mate gericht is op de gemeente Landgraaf of haar ingezetenen of als dit onvoldoende ten goede komt aan de gemeente Landgraaf of haar ingezetenen;
het project niet in belangrijke mate ten goede komt aan het bereiken van de doelen die de gemeente heeft gesteld binnen het werkgebied van het sociaal domein;
al in voldoende mate wordt voorzien in de activiteiten en/of het beoogde doel;
niet is aangetoond dat de subsidie noodzakelijk is voor het realiseren van het project waarvoor deze wordt gevraagd;
de ingediende begroting onvoldoende inzicht biedt in de kosten en opbrengsten van het project en in het bijzonder de bijdrage van de aanvrager(s) en/of andere deelnemers;
de structurele besparing in de kosten en/of de structurele kwalitatieve voordelen niet direct tot het project zijn terug te leiden;
met het project het maken van winst wordt beoogd;
er gegronde redenen zijn om aan te nemen dat het project niet of niet binnen drie maanden na de subsidieverlening zal worden gestart en er geen reden is om op grond van artikel 16, vijfde lid, af te wijken van deze termijn;
de organisatorische en/of financiële continuïteit van de aanvrager(s) onvoldoende is gewaarborgd;
de aanvrager(s) en/of andere deelnemers voor het jaar of de jaren waarop de aanvraag betrekking heeft met een functionaris een bezoldiging als bedoeld in artikel 1.1, onder e, van de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector overeenkomt of is overeengekomen die hoger is dan het bedrag, bedoeld in artikel 2.3, eerste lid, van die wet.
**5..** Burgemeester en wethouders vorderen een subsidie met rente terug als dit nodig is ter uitvoering van een terugvorderingsbesluit van de Europese Commissie of een onherroepelijke rechterlijke uitspraak.
Hoofdstuk 3
Artikel 23.
Weigerings- en terugvorderingsgronden
Onderdeel van Subsidieverordening sociaal domein gemeente Landgraaf